PolLeg Seminar on Security & Legitimacy

On June 10th, the Research Seminar of the Profile Area Political Legitimacy took place. Our guests were dr. Eleni Braat and Jelle van Buuren MA. They discussed the topic of political legitimacy in the context of their own research on intelligence services and on conspiracy communities.

Sprekers

Eleni Braat is docent en onderzoeker bij het Instituut voor Geschiedenis van de Universiteit Leiden. In 2008 is ze gepromoveerd aan het European University Institute in Florence, Italië, op een proefschrift over de ontwapeningsonderhandelingen in de jaren 1920. Voordat Braat bij het Instituut begon, was ze werkzaam als historicus van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD). Haar meest recente boek draagt de titel Van oude jongens, de dingen die voorbij gaan. Een sociale geschiedenis van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, 1945-1998 (2012). Het richt zich op de organisatiecultuur binnen de Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD). 

 

Een centraal thema in het onderzoek van Eleni Braat is de paradox inherent aan geheime overheidsactiviteiten: tot op bepaalde hoogte zijn ze nodig voor de bescherming van een democratische rechtsorde, terwijl geheimhouding het ook moeilijk maakt om het bestaan van geheime diensten publiekelijk en politiek te verantwoorden. De geheimhouding rondom inlichtingenactiviteiten bemoeilijkt de publieke perceptie van geheime diensten en inhoudelijk politiek debat over inlichtingen in den brede. In haar huidige onderzoek analyseert Eleni Braat de aard van parlementaire argumentatie over gedeeltelijk 'geheime' onderwerpen: het bestaan en werk van geheime diensten. Door een vergelijking van Nederlandse, Franse en Italiaanse politieke argumentatie tussen 1975 en 1995 draagt dit onderzoek bij aan een beter begrip van hoe 'framing' van inlichtingenactiviteiten veranderde over tijd - van de Koude Oorlog tot aan de 'transparante' jaren negentig - en hoe dit verschilde binnen Europa waar zich uiteenlopende ervaringen en associaties met inlichtingenactiviteiten voordeden.  

 

Jelle van Buuren is docent en PhD-onderzoeker bij het Centrum voor Terrorisme en Contraterrorisme. Zijn onderzoek richt zich op de verbanden tussen politieke legitimiteit, complotdenken en politiek geweld door eenlingen. Hij voltooide  de master ‘Besturen van Veiligheid’ aan de VU en verrichtte aan de VU onderzoek naar de ethische dimensies van publieke en private veiligheid voor het INEX-project gefinancierd door de Europese Commissie. Daarvoor was hij werkzaam als freelance onderzoeker en publicist op het gebied van inlichtingen- en veiligheidsdiensten, terrorisme en contraterrorisme, surveillance, grensbeheer en de internationalisering van politie- en veiligheidssamenwerking

 

Kunnen complotconstructies de opkomst van systeemhaat verklaren? En als dat het geval is, moeten complotconstructies dan gezien worden als een risico voor de nationale veiligheid? In dit onderzoek worden deze vragen beantwoord middels een kwalitatief onderzoek naar digitale complotgemeenschappen in Nederland. Complotconstructies worden opgevat als gecodeerde sociale kritieken waarmee fundamentele vragen worden gesteld aangaande de legitimiteit van het politieke systeem en de epistemologische regulering in een samenleving.  Complotconstructies fungeren als een substituutideologie en substituutreligie die een nieuw masternarratief bieden dat het vacuüm opvult dat ontstaan is in de postpolitieke constellatie van moderne Westerse samenlevingen. Omdat complotconstructies een instrument zijn waarmee niet alleen fundamenteel de politieke legitimiteit betwist wordt, maar ook een prikkel tot geweld kunnen oproepen, wordt in dit onderzoek specifiek gekeken naar mogelijke risico’s voor de nationale veiligheid met bijzondere aandacht voor acties van eenlingen.

 

 

----------------------------------------------------------------------------

 

Eleni Braat is a lecturer and researcher at the Institute for History at Leiden University. In 2008 she obtained her Ph.D. from the European University Institute in Florence, Italy, on the disarmament negotiations in the 1920s. Before joining the Institute for History Braat was employed as official historian of the Dutch General Intelligence and Security Service (AIVD). Her most recent book is titled Van oude jongens, de dingen die voorbij gaan. Een sociale geschiedenis van de Binnenlandse Veiligheidsdienst, 1945-1998 (Old boys and the things that pass. A social history of the Dutch Security Service, 1945-1998) (2012). It focuses on the organizational culture of the Dutch Security Service. 

 

Central in Eleni Braat’s on-going research is the paradox associated with secret governmental activities: they are, up to a certain degree, a necessity for the task of defending democracy against itself whereas it also makes it more difficult to justify the existence of secret services in public and parliamentary politics.The secrecy and confidentiality surrounding intelligence complicates the public perception of secret services and substantive political debate on intelligence issues. Braat’s current research assesses the nature of arguments by parliamentarians on partly ‘secret’ issues: the existence and work of secret services. By comparing Dutch, French and Italian political argumentation between 1975 and 1995 Braat aims to contribute to our knowledge on how framing on intelligence changed over time – from the Cold War to the decade of openness – and how this varied across countries in Europe with different experiences and associations with secret intelligence. 

 

Jelle van Buuren is a lecturer and PhD-researcher at the Centre for Terrorism and Counterterrorism. His research focus on the relationship between political legitimacy, conspiracy thinking and the acts of radicalized lone operators. He completed the master  ‘Governance of  Security’ at the VU University and conducted at the VU research into the ethical challenges of public and private security. Before entering academics, he worked as a freelance researcher and writer on intelligence, terrorism and counter terrorism, surveillance, border controls and the internationalization of police and security cooperation.

 

Can conspiracy constructions explain for hatred of the system? And if so, should conspiracy constructions be considered to be a risk in terms of national security? This PhD-research project answers these questions by a qualitative case study into digital conspiracy communities in The Netherlands. Conspiracy constructions are understood as coded social critique in which principled questions are being forwarded concerning the legitimacy of the political system and the epistemological regulation in society. Functioning both as a substitute ideology and a substitute religion conspiracy constructions provide a new master narrative that fills up the vacuum created by the post-political constellation of modern Western societies. As conspiracy constructions could function as a device that not only criticizes in a fundamental way the legitimacy of the political order but also could entail a spur to violence this research look specifically into the risks for national security with an emphasis on actions by lone actors.


Last Modified: 16-02-2016